06 53 99 30 17 praktijk@senzies.nl
Wat betekent Senzies?

Wat betekent Senzies?

Wat betekent Senzies? Hoe ben je aan die naam gekomen? Deze vragen heb ik vaker gehoord.
Om deze reden zal ik Senzies “vertalen”.

Senzies staat voor: Ervaren, Zien en Zijn.
Kinder- en ouderbegeleiding waarbij cognitie, gevoel en lijf samenkomen.

Ervaren (Sen): Sensing is vertaald vanuit het Engels voelen of aftasten. Wat vertelt jouw lijf jou? Zit je lekker in je vel? Wat voel je? Sense staat echter ook voor common sense: het gezonde verstand.

Zien (Zie): Hoe zien anderen jou? Waar liggen jouw kwaliteiten en talenten? Hoe zit het met jouw zelfbeeld en zelfvertrouwen? Maar ook, hoe zie jij de wereld en de ander?

Zijn (Es): Ieder kind, iedere persoon is uniek en waardevol. Es staat voor een deel van de persoonlijkheid. Acceptatie van wie jij bent als geheel.

Tot ziens bij Senzies!

 

Straf

Straf

Een interessant onderwerp in de opvoeding van kinderen omdat het een controversieel onderwerp is. De meningen over het geven van straf, of dat nu wel of niet oké is, lopen uiteen.

Daarnaast zijn de opvattingen over straf onderhevig aan de tijdsgeest waarin we leven. Was het in de jaren 50 nog gewoon om met een liniaal op je vingers geslagen te worden door de juf of meester, tegenwoordig niet meer.

In Nederland is het fysiek straffen van kinderen bij wet verboden sinds 2007.

Welk doel dient straf?
Straf geven doen we met de intentie om bepaald ongewenst gedrag af te leren maar wist je dat een gedragsverandering níet door middel van straf te realiseren is?

Ongewenst gedrag kan je stoppen door corrigerend optreden en straffen. Echter, er wordt géén nieuw gedrag geleerd door het geven van straf. En het ongewenste gedrag wordt er ook niet door afgeleerd! Hooguit zal de kans op ongewenst gedrag kleiner worden als de pakkans groter is.

Gedrag afleren kan door het gedrag te negeren en uit te laten doven, extinctie genaamd. Hierbij is een valkuil dat dit niet standvastig toegepast wordt en zodoende als een bekrachtiging van ongewenst gedrag gaat leiden. Een kind dat ergens om zeurt stopt met vragen indien er stelselmatig en standvastig hetzelfde op geantwoord wordt.

Wanneer je echter als ouder/verzorger de ene keer toegeeft en de andere keer niet dan leert het kind dat zeuren loont: de volhouder wint!

Nieuw en gewenst gedrag aanleren, kan door gewenst gedrag te belonen. Een sterke bekrachtiging van gewenst gedrag is het geven van waardering waardoor je het zelfbeeld van het kind versterkt.

Ook hierbij weer een valkuil dat de waardering wel recht doet aan de inspanning van het kind: wanneer de beloning niet in verhouding tot de inspanning staat, neemt de intrinsieke motivatie af.

Ook zal de waardering van een compliment afnemen indien je strooit met complimenten als een op hol geslagen Piet. Beloon ook liever de inspanning dan het resultaat, hiermee leer je het kind doorzettingsvermogen opbouwen en vergroot je het zelfvertrouwen.

Lik-op-stuk
Opvoeden zonder straf geven is vrijwel onmogelijk. En het is ook goed om kinderen te begrenzen, dat biedt veiligheid aan het kind.

Als je niet ontkomt aan straffen, hou dan het lik-op-stuk beleid aan:
De straf moet direct volgend zijn op het ongewenste gedrag, dus oorzaak-gevolg moeten helder worden voor het kind.

Motiveer waarom je wilt dat het kind zich anders gedraagt, geef de grens aan die overschreden is.
Bestraf het gedrag en niet het kind zelf: “Wat je doet is niet oké, wie jij bent wél!”

De straf moet passend en niet te zwaar zijn. Pas je onredelijke straf toe dan werp je een blokkade op voor het aanleren van nieuw en gewenst gedrag omdat de gestrafte daarvoor “blind” is vanwege het gevoel onrecht aangedaan te zijn.

Tenslotte is het doel het aanleren van nieuw, gewenst gedrag: waardeer daarom de inspanning van het kind om het recht te zetten en blijf vooral zelf niet hangen in boos zijn. Sluit vriendschap op het moment dat de straf erop zit.

Ervaar je gedragsproblematiek bij jouw kind? Neem gerust contact op voor advies.

Tot ziens bij Senzies!

Afweermechanismen

Afweermechanismen

Vorige week heb ik geschreven over zg. coping strategieën, oftewel wat is jouw manier van het hoofd bieden aan wat er op jouw (levens)pad voorbij komt. Ben jij iemand die bij teleurstelling, afwijzing of conflicten vol de aanval zoekt? Of juist iemand iemand die gaat vermijden of ontkennen? Onderliggend aan de manier waarop jij omgaat met lastiger situaties zijn afweermechanismen. Een afweermechanisme is eigenlijk een kunstje of trucje van jouw onbewuste om onderwerpen die teveel pijn doen, voor verdriet of angst zorgen, weg te houden van jouw bewustzijn. Anna Freud (jawel, “dochter van”) omschrijft het treffend als hoe we onszelf voor de gek houden om niet gek te worden.

De tien bekendste afweermechanismen op een rij:

  1. De bekendste is Ontkenning. Het simpelweg niet toegeven dat er een probleem is en sterker nog, dat juist (met alle macht) tegenspreken.
  2. Verdringing. Deze lijkt sterkt op ontkenning en toch is het niet hetzelfde. Bij verdringing geloof je namelijk echt dat wat je beweert de waarheid is omdat de herinnering niet meer beschikbaar is.
  3. Rationalisatie. We verzinnen intelligent klinkende en héél logische verklaringen voor ons gedrag. Het doel dat we hiermee nastreven is om ons gevoel van eigenwaarde behouden. Typisch voorbeeld is de reactie op een afwijzing bij een sollicitatie: “ik twijfelde toch al of ik die baan wel wilde”.
  4. Projectie. Het herkennen van een negatieve eigenschap waarbij we niet inzien dat het eigenlijk een eigenschap van onszelf is die we de ander toeschrijven.
  5. Sublimatie. Het omzetten van sociaal onwenselijke of door de maatschappij afgekeurde verlangens in geaccepteerde uitlaadkleppen. Bijvoorbeeld je in een hobby storten of je extreem met je werk of een sport bezighouden.
  6. Regressie. Het terugkeren naar kinderlijke gedragingen. Bijvoorbeeld uit frustratie lopen gillen wanneer iets niet lukt. Normaliter verliezen we dit gedrag onderweg tijdens het opgroeien en weten we ons te beheersen.
  7. Verschuiving. Het afreageren op een ander. Vaak gaat het hier om agressie, bijvoorbeeld frustratie afreageren door tegen een veiliger iemand (kind? partner?) te schreeuwen of erger.
  8. Reactieformatie. Hierbij wordt een tegenovergestelde van het ware gevoel naar de buitenwereld gepresenteerd. Een voorbeeld hiervan is een ex roker die zich fel afzet tegen het mogen roken. Of in geval van een kind dat zich aangetrokken voelt tot een klasgenootje, in plaats van lief juist heel gemeen gaat doen.
  9. Dissociatie. Hierbij wordt dat wat er gebeurd is, losgekoppeld van de persoon. Er wordt als het ware van een afstand op iets teruggekeken en de nare ervaring wordt niet herkend als iets dat jezelf overkomen is.
  10. Identificatie. Hierbij worden negatieve gevoelens ten opzichte van een ander omgezet en vindt er vereenzelviging plaats. Bekend is misschien het Stockholmsyndroom waarbij iemand in gevangenschap gevoelens van adoratie of liefde ontwikkelt voor de agressor.

Wat afweermechanismen betreft zijn er tot slot twee zekerheden te noemen: we hebben ze allemaal, van jong tot oud én we zijn ons er veelal niet van bewust dat we ze toepassen.

Het is een manier van omgaan met het leven en we zetten ze in wanneer we ons bedreigd voelen: het is het instinct dat ons beschermd tegen (psychische) pijn.

Dus de volgende keer dat je peuter krijsend op de vloer van de AH ligt omdat je geen Bumbakoekjes meeneemt, of jouw liefste puberkind zich fel afzet tegen door jou gegeven goedbedoeld advies, heb dan begrip. Relativeer! Het zijn mogelijk “slechts” de afweermechanismen die in werking treden tegen het gevoel van woede (frustratie) of angst (gezichtsverlies). Word niet zelf boos en geef geen straf (hier gaat mijn volgende blog trouwens over ;o)

Kom je er niet meer uit of kan je hulp gebruiken voor jezelf of jouw kind? Bel, app of mail mij dan.

Tot ziens bij Senzies!
Amanda

Coping

Coping

De term Coping is afkomstig uit de sociale psychologie en betekent vrij vertaald “het hoofd bieden aan”. Er bestaan adequate en inadequate coping strategieën. Naast een indeling op adequaat en niet-adequaat, kan er ook een indeling gemaakt worden op emotiegerichte en oplossingsgerichte strategieën. Vaak wordt de eerste gerelateerd aan de “vrouwelijke” manier van omgaan met wat er op je pad komt: huilen en hysterisch doen. De tweede, de oplossingsgerichte strategie, is wat stoerder en meer “mannelijk”: niet zeuren maar regelen!

Automatisch wordt hierdoor aan de ene of de andere strategie een respectievelijk minder of juist meer positieve beoordeling gegeven. Willen we niet allemaal stoer gevonden worden? Diegene zijn die oplossingen aandraagt en doorgaat? In weer en (bij tegen)wind?

Ik ga je een geheim verklappen. Er is geen goed of fout hierin! Sterker nog, diegene die beide strategieën kan toepassen heeft strategisch gezien de beste kaarten in handen.

Ik geef je hierbij de twee gouden regels om verschillende situaties adequaat het hoofd te bieden:

1. Is de situatie zoals deze is en níet te veranderen? Heb je deze te accepteren?

  • De emotiegerichte strategie is de best passende strategie op dat moment: huil, doe hysterisch (alles met mate) praat en uit jezelf. Zwelg (tijdelijk)!
  • Ga niet ontkennen maar accepteren dat het is zoals het is. Dat jouw gevoel er mag zijn. Door de emotie die op het onderwerp aanwezig is, te ventileren en te delen met anderen zal er uiteindelijk vrede ontstaan. Hou emotie dus niet binnen en ga je uiten!

2. Is de situatie zoals deze is maar niet naar je zin en wél te veranderen? Ga dan DOEN!

  • Het komt nogal eens voor dat iemand niet de juiste strategie toepast in een situatie. Bij een situatie die onomkeerbaar is, probeert diegene dan op te lossen. Met frustratie, boosheid en soms zelfs agressie tot gevolg.  En situaties waarbij diegene zou kunnen oplossen, blijft de persoon  erin hangen, zielenpieten en slachtofferen. Kortom: die persoon gaat niet op de juiste manier met een situatie om en loopt risico op psychische en/of lichamelijke klachten.
  • Dat betekent overigens niet dat er altijd maar één beste manier is en je niet zou mogen huilen in situaties die je wel kan oplossen. Als je voelt dat het nodig is voordat je tot actie over kunt gaan: huil dan, praat erover en herpak jezelf daarna. Oplossen (dus doen!) is de beste manier om met situaties die omkeerbaar zijn om te gaan.

Hieronder volgen mogelijke coping strategieën:

  1. Actief aanpakken -> oplossen
  2. Palliatieve reactie -> je vlucht in andere onderwerpen, hobby’s
  3. Vermijden -> als ik het niet zie, is het er niet
  4. Sociale steun zoeken -> je hart luchten, emotie delen
  5. Passief reactiepatroon -> piekeren en twijfelen
  6. Expressie -> gespannen, frustratie, agressie
  7. Geruststellende gedachten -> relativeringsvermogen

Strategie 1 en 4 zijn over het algemeen dus effectief. Let hierbij op impulsiviteit en overbelasting: misschien wil je te graag, te snel.

Strategie 7 is in het algemeen ook oké. Wat er ook gebeurt: kunnen relativeren is mooi omdat het de druk verlaagd en zaken in perspectief zet. Ook al lost het misschien niets op.

Strategie 2 en 3 werkt alleen op de korte termijn. Soms is het goed om iets even te laten voor wat het is. Misschien lost het zich op als de gemoederen bedaard zijn. Zo niet, dan is dit zeker weten niet de juiste strategie.

Strategie 5 en 6 zijn minder succesvol. De eerste is een aanzet voor een depressie en de tweede (in de mildste vorm) voor problemen met je omgeving.

Ben jij je bewust van jouw (voorkeur)strategie? Zijn er situaties waar je niet uitkomt ondanks dat je voor je gevoel er alles aan doet of gedaan hebt? Loop je vast of verlopen situaties, ondanks je goede intentie, niet naar jouw wens? Bel of whatsapp mij voor een afspraak. Ik help je bij het vinden van antwoorden en oplossingen. Graag tot ziens!

EHBD – Depressie

EHBD – Depressie

Een blog over Eerste Hulp Bij (beginnende) Depressie. Je slaapt slecht, piekert wat af, voelt stress, voelt je opgejaagd en je hebt een kort lontje. Of je voelt je juist lusteloos. Je hebt minder (of juist meer!) eetlust, somberheid.

Allerlei symptomen en iedereen heeft er wel eens mee te maken, in meer of mindere mate, al dan niet in combinatie met elkaar. In de volksmond wordt de term ‘depressief’ al snel gebruikt wanneer iemand in een dip zit of wat terneergeslagen is.

Misschien maak je een drukke periode door, of heb je een emotioneel ingrijpende gebeurtenis te verwerken. Ik noem gebeurtenissen als je baan verliezen of juist een nieuwe baan starten, gepest worden, scheiding, overlijden van een dierbare. Een sombere, depressieve stemming in reactie op teleurstelling of verlies, is een normale toestand. Een dergelijke stemmingsdaling of rouwreactie is van voorbijgaande aard en daarvoor zal over het algemeen geen gerichte interventie nodig zijn.

Er is pas sprake van een depressie wanneer iemand voldoet aan een aantal criteria (volgens DSM-5):

  1. Zo moet iemand langer dan twee weken ongewoon somber zijn en/of nergens meer plezier in hebben;
  2. Dit gaat gepaard met een aantal andere klachten, zoals slaapstoornissen, verminderde eetlust, weinig energie, vermoeidheid, concentratieproblemen, besluiteloosheid, traagheid, lichamelijke onrust, schuldgevoelens en vooral bovenmatige gedachten over de dood of zelfdoding;
  3. De klachten verstoren het dagelijks functioneren en er is sprake van psychisch lijden.

Vermoed jij aan bovenstaande criteria te voldoen dan is het verstandig om met de huisarts te gaan praten. Laat eventuele lichamelijke oorzaken allereerst uitsluiten door de arts.

Vervolgens wordt een depressie behandeld door een combinatie van praten (therapie) en pillen (antidepressiva). 

Weet je dat je bij beginnende, licht tot matige depressieverschijnselen zelf enorm veel invloed kunt uitoefenen op het wel of niet verder ontwikkelen van een depressie?

De aanpak bestaat uit goed voor jezelf zorgen: houd je aan een regelmatig ritme, ga op tijd naar bed en eet gevarieerd en gezond. Echter, het belangrijkste advies is om te gaan bewegen! Zorg ervoor dat je bij voorkeur dagelijks minimaal een half uur stevig gaat wandelen. Wandelen is goed voor je brein, het verlaagd de hoeveelheid stress hormonen die je aanmaakt (adrenaline/cortisol) en hersteld de balans in je lichaam. Heb je bos of strand in de buurt? Wandel dan daar en snuif de frisse en/of zilte lucht goed op. Grote kans dat jij je beter gaat voelen na enkele dagen.

Wil je extra hulp om beter in je vel te komen dan help ik je graag. Gezamenlijk pakken wij de oorzaak van jouw depressieve klacht aan. Bel of WhatsApp mij voor een kennismaking. Tot ziens bij Praktijk Senzies!

Kindercoach of kindertherapeut?

Eigenlijk hebben de kindercoach en de kindertherapeut hetzelfde doel; het kind (en de omgeving van het kind) helpen bij (gedrags)problemen. Ervoor zorgen dat het kind weer lekker in zijn vel zit. 

Het verschil tussen een kindercoach en een kindertherapeut is dat de kindercoach direct handvatten geeft voor de problemen waar het kind tegenaan loopt. Vaardigheden oefenen met het kind en inzicht geven hoe om te gaan met problemen en lastige situaties. De kindercoach biedt kortdurende praktische en oplossingsgerichte begeleiding.

Een kindertherapeut werkt met onderliggende problemen zoals trauma’s of blokkades. Door inzicht te krijgen waar een probleem vandaan komt (de oorzaak van het probleem) wordt een behandelplan opgesteld. Hierbij wordt de vraag gesteld of het een stoornis betreft (oorzakelijk meer vanuit het kind) of een belemmering (oorzakelijk meer vanuit omgeving). De eerste belemmerd de ontwikkeling op een of meerdere ontwikkelingstaken en de tweede vertraagd de ontwikkeling op een of meerdere gebieden.

Op de site van Centrum Tea Adema las ik een mooie metafoor over het verschil tussen de coach en de therapeut die ik graag wil citeren omdat het goed duidelijk maakt waar het verschil zit:

De kindercoach zoekt samen met kinderen en ouders naar schatten en mooie vondsten die op de grond en net onder de oppervlakte liggen. Door het gebruik van praktisch gereedschap worden de schatten opgespoord, op waarde beoordeeld, zo nodig opgepoetst en behandeld voor tentoonstelling of gebruik. Een kindercoach neemt de bouwgrond voor lief en gaat met de gevonden voorwerpen aan het werk. Alles wat gevonden wordt krijgt een functie en wordt meegenomen naar de toekomst.

De kindertherapeut graaft, spit, delft en wroet in de grond. De kindertherapeut gaat uiteindelijk via diepgravende processen naar een mooie vruchtbare akker. Onnodige en overbodige zaken worden verwijderd, oude resten worden verbrand en er blijft alleen maar schone grond over.

Grote en ook kleine hulpvragen los ik samen met jullie op bij praktijk Senzies. Wil je meer informatie over een onderwerp of heb je een specifieke vraag, schroom dan niet om mij te bellen of een whatsapp te sturen. Graag tot ziens!